Over mij
Poppentheater
Peter Nobino
Hollost mysterie
Hotel de Kroon
De Graaf genealogie
Notenboom genealogie
historisch onderzoek
Fotoalbum
Sitemap


 
mail me: petra.50@live.nl

Brandt Hermansz de Graaf was eigenaar van de herberg ‘De Roskam’ in het dorp Apeldoorn. De exacte locatie van de herberg is niet geheel bekend. In de archieven van belasting staat na zijn dood in 1744, zijn weduwe als herbergierster met 1 kind boven de 15 jaar. In zijn huwelijksakte te Nijbroek in 1716 staat dat Brandt Hermansz de Graaf afkomstig of zelfs geboren is van Doorwerth aan de Noordzijde van de Neder Rijn River nabij Renkum onder Apeldoorn.

Het historisch boek van museum Moerman van R. Hardonk 'Koornmullenaers, Pampiermaeckers en Coperslaghers' verteld de historie van Apeldoorn en omgeving in de tijd dat familie De Graaf er woonde. Feit is, dat we weten, dat enkele beschreven personen uit het boek na 1780 getuigen waren bij enkele dopen als, Weintje Sevenhuysen en Geertje Dijkgraaf. Ook weten we dat Hermanus de Graaf, zoon van Brandt, in 1747 werkte als papiermaker in Orden, een gehucht bij Apeldoorn in dienst bij Lubbert Homoedt en zijn vrouw Aaltje Hendrix, en dat zijn eerste vrouw Evertje Stevens, overleed in 1759. 

Volgens het boek is, Wijntje Harms Sevenhuysen (1720-1791), dochter van Harm Sebes en Aaltje Teunisse Wachterveld, getrouwd met Steven Jans Muller (Mulder), molenaar op de molens EENDRACHT en de STINKMOLEN en Geertje Dijkgraaf (1740-1783) was gerouwd met Christiaan Glisweyer, ca 1812 papier fabriceur op 't HULL.  Een ander feit is, dat  schoenmaker Lubbert Wouters (1675-1761) pas na 1708 de naam Homoet gebruikte, een naam die terug gaat tot BERTHA VAN HOMOET (overleden 1494) die een adelijke huwelijk sloot in 1461 te Munster (Germany) met GOSWIN VAN RAESFELT.

Rond 1624 verhuurde Wolter Jans het landgoed 'HOMOET' op zijn heerlijkheid 'DE PAS'  in Orden aan Thyman Jacobs om er een papiermolen te bouwen (Ordenmill). In 1673 trouwde Mechteld Jansen met Wouter (Wolter) Jansen (Homoet) (1645-1673) en hertrouwde 1682 Jan Jansen Peters van Orden, meester papiermaker (op de Grevemolen in Apeldoorn). Haar zoon Lubbert Homoet woonde rond 1722 in Orden evenals in 1747 met zijn tweede vrouw Aaltje Hendriks en hun 2 kinderen. In 1701 woonde een Wilhelm Greve op de Ordenmolen en was hij later eigenaar van de Brouwersmolen en zijn broer Claes Greve was de oudst bekende eigenaar van de molen de EENDRACHT. In 1708 vertrok Wilhelm Greve naar Odenkirchen in Duitsland waar hij pachter werd van de papiermolen AM KOHR . In 1710 verkoopt Wilhelm zijn Brouwersmolen aan Jan Willem Meyerink en Jacob Aerts van Putten. Wilhelm Greve trouwde Fijtien Reijnders (Reinders) en in Apeldoorn werden hun zeven kinderen gedoopt, Klaas (Claes Wilhelm 1693), Janna (1696), Derk (1697), Abraham (1699), Heiltien (1700), Thrijntien (1702) en Jan (1704). Als weduwnaar hertrouwd hij in 1711 met Maria Geertruid Wolffs. In 1712 schijnt hij eigenaar te zijn geweest van een andere molen in Orden met huis en schuur.

Op 22 januari 1733 benoemde meester papiermaker en weduwnaar van Stijntje Kluppel, Claes Greve zijn twee neven Claes Willem en Abraham Greve tot zijn erfgenamen. Deze overleden rond 1748, waardoor op 6 juli 1751 Hendrik Greve van Oldenkirchen zijn erfrecht voor Abraham opeist, een water-papermolen in 't Veen en een stuk grond in Klein Berghuis. Op 22 mei 1753 machtigd hij Jan Lindeman bij volmacht de molen te verkopen op 22 januari 1754 aan Steven Jansen Muller en zijn vrouw Wijntje Sevenhuysen.

In 1757 wordt Harmannus Muller geboren, zoon van Steven en Wijntje, misschien vernoemd naar Harmannus de Graaf. December 1770 overlijdt Steven Jansen Muller waarna zijn weduwe Wijntje en haar kinderen, Hendrica, Aaltje, Geertje en Hermannus hun gedeelte van de molen in 1771 verkopen aan Jan Hessels, voor de helft eigenaar met meester Vorster (papiermerk HESSELS & VORSTER tot 1801). Harmannus Muller werkt in 1782 als meester op de molen van Teunis Dijkgraaf in Wiessel. Op 16 april 1784 vertrekt Hermannus Muller met attest der kerkeraad van Apeldoorn naar Vaassen waar hij op 28 september 1787 in ndertrouw gaat met Hermina de Graaf (gedoopt 1766), dochter van Derk (papiermaker in Vaassen op de molen Kraaiennest) en Hermina Herms. Er is geen bewijs gevonden of deze Hermina de Graaf of voornoemde familie Greve verwant is aan die van onze voorvaders, maar het is zeker dat ze elkaar kenden.

Onze Hermanus de Graaf (1723-1787) zoon van Brandt, trouwde 3 maal tussen 1758 en 1770. Waarom zijn zoon Willem winkelier wordt in het dorp Berkel en Rodenrijs nabij Rotterdam, wordt pas duidelijk als we op haar overlijdensakte aldaar ineens de achternaam Hollost zien staan. Op haar huwelijksakte stond ze als Aaltje Reindersdochter. In Apeldoorn verkocht ze voor haar vertrek naar Berkel en Rodenrijs wat stukjes grond en zaailand op het Loo samen met haar volwassen kinderen Heintje, wonende in Weesp bij de Zuiderzee, Willem, wonende in Berkel en Rodenrijs en Reinder, visser, wonende op Het Loo. Ze verkochten alles voor de totale som van 672 Franse francs (320 Hollandse guldens). Op de overlijdensakte van Aaltje stond overigens niets over haar eerste en derde echtgenotes, Dirk Brouwer en Johannes Oosterkamp.  

Drie familieleden De Graaf diende in het Nationale Regiment van Oranje-Gelderland; Hendrik (1723-?) als bombardier in de compagnie van Kapitein Jan Lamberts Neeff (Brummen 1747-Zwolle 1824) die trouwde te Grave waar zijn garnizoen gelegerd was, zijn zoon Sibrant (1751-1806 Sijbrandt Benjamin) diende als rekruut in de brigade van Christiaan Lodewijk zijne konklijke prins van Hessen Darmstadt (1763-1830) en zijn neef Egbert (1767-1832) diende van 1788 oor 8 jaar als riter in de compagnie der cavalerie van veldheer Julius Ludwig Seijffardt (Kampen 1785-Oldenbroek 1821).

Willem de Graaf (1780-1831) broer van ruiter Egbert verhuisde dus naar Berkel en Rodenrijs (boven Rotterdam) later gevolgd door Hermanus  (1847-1913) achterkleinzoon van zijn broer Brand. Hermanus de Graaf was kleermaker en kwam via Utrecht naar Rotterdam waar hij in 1876 trouwde. Later verspreidde deze famile De Graaf over landen als Amerika, Indonesië, Afrika, Australië en ander landen.     

Na de dood van Willem de Graaf in 1831, stond in zijn testament dat hij nog een schuld  van fl. 617,50 aan Willem van Vreeswijk, die werd verrekend. Zijn kinderen Alida, Maria, Hermanus en Willem kregen elk fl. 75,33. In de boedel werden o.a. beschreven: een staande klok (36.-), een notenhouten kabinet (40.-), een porcelein kast met wat porcelein (30.-), wat Engels aardenwerk (10.-), wat Delfts aardenwerk (20-), een paard (50.-), een koe (40.-), drie koetsen (86.-), een gouden boot (30.-) een ring, gouden oorbellen en slot (42.-), twee gouden boten (18.-), enkele zilveren tassen gespen (69.-) een zilveren snuifdoos (8.-) en twee bijbels met zilver slot (6.-). Het toont aan dat deze winkelier niet echt arm was.

AN AMERICAN DREAM CAME TRUE

My far American cousin, Liz Hossner wrote about our great grandfather Jacobus Cornelis de Graaf (1850-1888) that he worked on a sailing ship in San Francisco just after the Civil War and wanted to settle in the USA, but couldn’t because his fiancé was left behind in Holland. After his return he married Maria Catharina Johanna Teutsch (1845-1911) and they got 5 sons and 2 daughters. Because he died in 1888 most of his children were placed in the orphanage, Bastiaan, born January 10, 1882 attended schools and a technical high school. At the age of 18 he joined the Holland America Line as an electrician were he worked for 10 years. Of his family she knows that his uncle was a editor of a famous Dutch newspaper named The ‘Groene Amsterdammer’, but the truth is that he was just a clerk at the NRC. She writes further that her great grandmother Tannetje Vane, is to believed English and related to Britain's that travelled with the ’Mayflower’. She married Pieter Rotte (1854-1937) and in 1879 Maria was born and just before giving  birth to their second daughter Janna,  she was struck by lightening and died. (The truth is that Janna was born on 13 June 1881 and her mother died after the maternity on June 22, nine days later) Janna was raised by her grandmother and when she left to the USA, her older sister stayed behind. Her house was bombed during World War II and she contracted a disease resulting from the conditions and died. The truth is that Maria married in 1910 Herman Speijer (gamekeeper)  and she died at Bergen op Zoom on February 27, 1949. Bastiaan had a artistic, inventive nature and made many gadgets from brass and copper during his leisure hours aboard ship. On a stop in New York he made the acquaintance of a man who sold souvenirs but who's business was poor. Bastiaan made a small Statue of Liberty with a hole in the raised arm in which he fashioned a cigar lighter. It was a successful idea for the New Yorker, who had more made to sell. On December 13, 1906 Bastiaan jr. was born and Bastiaan sr. settled in New York for good and got a job with the Otis Elevator Company, as an electrician and work foreman. August of 1909 Janna, who was again pregnant, sailed from Holland with three year old Bastiaan. A second son, Jake Conrad was born January 29, 1910. The family settled in a flat in Yonkers and later moved to a house at 85 Wickers Avenue, were in the house only Dutch was spoken. Each Saturday Janna spend the day polishing all the brass and copper her husband made. Bastiaan jr. attended public schools in Yonkers from 1924 to 1932. For the next years he didn’t have a job because of the depression. During this time he took courses at Columbia University and spent his summers in Maine where he met Mary Abigail Sawyer. Bastiaan sr. continued to work for OTIS and found a need for a tool to expedite work. He invented a gauges that tested the tension of springs on magnetic switches. He applied for a patent and in was granted in 1948, good for 17 years. Shortly after he was offered $ 5000 for this invention but was advised by his attorney not to accept it. Unfortunately, shortly thereafter his health prevented him from doing any more with the patent and the patent expired. In 1950 Bastiaan sr. and his wife spend a year with Junior and his family in Bar Harbour Maine. They moved to California where Jake was living in June of 1951. He died suddenly of a heart attack October 24, 1951. Janna continued to live in California. She flew east several times and was lively and full of live. She died February 11, 1968.   

Beside our relatives that went to America, other relatives went to Indonesia, the former Dutch East  Indies. Five of the six children out of the marriage between Hendrik de Graaf (1852-1909) and Elisabeth Neuman (1855-1931) went to the East. January 19, 1908 Sara Jacomina de Graaf (1880-1917) married in Amsterdam Dr. Gerard Aalbersberg (1870-1934), gynecologist that she met in Rotterdam were he worked as a surgeon at the Coolsingel hospital. When they read an advertisement 'Practice for hire in Surabaya' they left June 1912 and her sister Hendrika Johanna Wilhelmina (1889-1969) went along.

Hendrika fell in love with Frans Brugsma (father of journalist/writer W.L. Brugsma) whom died in 1928 leaving his young widow behind with three children. Alida Maria de Graaf (1879-1945) lives from 1904 until 1905 in Leiden and leaves in 1907 to Amsterdam were she married 1910 teacher Jo Saeijs and a year later they leave for Zwolle were her mother and sister Hendrika joined them until 1912. Sister Magtilda married 1911 in Rotterdam Jean Antonietti, son of an Italian sculptor and they also leave for the East.

Brother Hendrik de Graaf, quite an adventurer born in 1884, leaves August 1906 for the Belgium Congo and returns to Rotterdam from Maladi March 1910 to leave October 1912 together with his brother Hermanus to Keneh in Egypt (near Luxor). On February 18, 1913 Alida de Graaf and Jo Saeijs make a journey on foot (as is told a Tour du Monde Apied) to Egypt to visit her brothers. According a photograph that the brothers send to their family in Holland, they were in the Belgium Congo in 1915.

September 1922 Hermanus returns to Rotterdam to marry Elsien de Vries and in 1924 he leaves with his wife and two children for Denmark until 1926 when also they leave for Gombong in Indonesia were Herman was captured during the War by the Kempetai (Japanese secret police) and died February 5, 1945.

January 28, 1915 Alida and Jo returned to Haarlem and also they leave January 1918 for Indonesia were they divorced. In 1925 Alida de Graaf met the KNIL-officer Gonnie Soegondo, which she married July 28, 1926 in Haarlem. Raden Mas Soegondo, born at Koewoe was Java Royal, son of Raden Mas Pratikto Koesoemo, assistant wodono and Raden Ajoe Koestiah. Witness at his marriage was his uncle Raden Soetikno.

zie: http://www.home.versatel.nl/tantetoos

Cornelis de Graaf
Paulus de Graaf